Dicteewoorden groep 4

  • dicteewoorden groep 4 (blok 8)

         

    Les 1

    Les 2

    Les 3

    Les 4

    Les 5

    oefen

    dictee

    regelwoorden

    weetwoorden

    regelwoorden

    weetwoorden

    regelwoorden

    nee

    de salto

    lezen

    de zeep

    slapen

    twee

    de sjaal

    de weken

    de zak

    beter

    de slee

    sjouwen

    de delen

    zelf

    de handen

    mee

    samen

    de strepen

    de zoen

    de kaarten

    de zee

    de sandaal

    de regel

    zoeken

    zoeken

    het idee

    de suiker

    zeker

    zo

    buiten

     

    Het controledictee wordt pas afgenomen in week 25!

     

    Regel bij les 1 regelwoorden op –ee:

    Hoor je /aa/, /oo/ of /uu/ aan het eind van een woord?
    Dan schrijf je
    a, o, of u.
    Hoor je /
    ee/ aan het eind van een woord?

    Dan schrijf je twee letters: ee.

     

    Regel bij les 2 weetwoorden met s-:
    Begint een woord met een s of een z?
    Dat kun je vaak moeilijk horen.

    Onthoud die woorden.

     

    Regel bij les 3 klankgroep op –e:

    Hoor je aan het eind van een klankgroep/ee/ ?
    Dan schrijf je meestal
    e.
    l
    ezen
    str
    epen
    b
    eter


    Regel bij les 4 weetwoorden met
    z-
    Begint een woord met een s of een z?
    Dat kun je vaak moeilijk horen.

    Onthoud die woorden.

     

    Regel bij les 5 woorden met twee klankgroepen

    Stel steeds de vraag:

    Wat hoor je aan het eind van de klankgroep?

    Een lange klinker of een medeklinker?
    a, e, o en u zijn klinkers.

    b, d, f, g, h, j, k, l, m, n, p, r, s, t, v, w en z zijn medeklinkers.

    Hoor je aan het eind van de klankgroep een lange klinker?

    Schrijf één klinker.

    murendozen

    Hoor je aan het eind van de klankgroep een medeklinker?
    Schrijf wat je hoort?

    zolderfeesten

    Hoor je /oe/, /ui/, of /eu/?

    Schrijf wat je hoort.

    boekenfluitensleutel

    De weetwoorden uit les 2 en les 4 kunnen thuis uit het hoofd worden geleerd.